re-integratie kiezen logo

De financiële risico's van verzuim en re-integratie

03-10-2017

Verzuim kost veel geld. Zoveel geld zelfs, dat de financiële risico’s voor sommige ondernemers voldoende reden zijn om geen (extra) personeel aan te nemen. Maar ook voor grotere ondernemingen kosten verzuim en re-integratie veel geld. Om de risico’s goed af te kunnen wegen is het echter wel van belang om een goed beeld te hebben van het financiële plaatje. Daarom zetten we alles wat u moet weten over verzuim en re-integratie op een rijtje.

Wat zijn de maximale financiële risico’s bij verzuim?

Dat een zieke werknemer pas na 2 jaar (104 weken) een WIA-uitkering kan ontvangen, is vrij algemeen bekend. Veel ondernemers houden daarom rekening met het feit dat zij bij ziekte 2 jaar minimaal 70 procent van het loon moeten blijven doorbetalen. In de cao kan daarnaast vastgelegd worden dat er meer dan dat betaald moet worden. Zo kan daarin staan dat tijdens het eerste jaar 100 procent van het loon doorbetaald moet worden. Dit kan dus al een fors verschil maken in de kosten. Daar bovenop komen ook nog de kosten voor het re-integratietraject van de zieke werknemer. De kosten voor de werkgever stoppen echter niet na die eerste twee jaar.

Financiële risico’s na twee jaar ziekteverzuim

Wanneer een werknemer 104 weken (dus 2 jaar) ziek is, kan hij of zij bij het UWV een WIA-uitkering aanvragen. Op dat moment moet het UWV beoordelen of de werkgever voldoende gedaan heeft aan de re-integratieverplichtingen. Als er volgens het UWV onvoldoende inspanning is geleverd, kan de werkgever een loonsanctie opgelegd krijgen. Dit betekent dat er voor gedurende maximaal nog 1 jaar loon door de werkgever betaald moet worden. Het risico op een loonsanctie is het grootst voor grotere bedrijven, doordat daar meer medewerkers werken en ook meer langdurig zieken zijn. Dit wil echter niet zeggen dat een werkgever met minder medewerkers ook minder snel een loonsanctie krijgt. Ook dan zal bij het niet of onvoldoende nakomen van de in de Wet Verbetering Poortwachter genoemde re-integratieverplichtingen door de werkgever een loonsanctie opgelegd worden. Daarmee is de loonsanctie een financieel risico waarmee rekening gehouden moet worden.

Financieel risico voor totaal 12 jaar

Zelfs wanneer een werknemer een WIA-uitkering ontvangt, zijn er nog kosten die voor rekening van de werkgever komen. Zolang een werknemer namelijk slechts gedeeltelijk (35 - 80%) of volledig maar net duurzaam (80 - 100%) arbeidsongeschikt is, worden de uitkeringskosten namelijk nog 10 jaar lang aan de werkgever doorbelast. In totaal loopt een werkgever dus 12 jaar financieel risico bij verzuim en/of re-integratie van een werknemer. Tegen het risico op deze doorbelasting van het WGA (werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten) kan een werkgever zich verzekeren, via het UWV of via een private verzekeraar.

Mogelijk einde loonsanctie voor eigenrisicodragers

In december 2016 heeft minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een aantal wijzigingen in regelgeving omtrent de loonsanctie voorgesteld: Het risico op een loonsanctie vervalt voor eigenrisicodragers. De risico op een loonsanctie lijkt bij hen namelijk overbodig, omdat er voldoende andere financiële prikkels zijn om voldoende inspanningen te verrichten; Werkgevers die via het UWV verzekerd zijn, kunnen rond de eerstejaarsevaluatie het UWV advies vragen over re-integratie inspanningen in het tweede ziektejaar. Zo kan er advies gegeven worden over het wel of niet inzetten van een 2e spoortraject. Dit advies wordt gegeven tegen betaling, maar kan de investering meer dan waard zijn. Wanneer het advies namelijk wordt opgevolgd, mag er na het tweede jaar geen loonsanctie opgelegd worden. Of deze wijzigingen daadwerkelijk ingevoerd zullen gaan worden, is nog de vraag. Het wetsvoorstel is klaar, maar het is aan een volgende kabinet of men er verder mee aan de slag gaat.

Blog