re-integratie kiezen logo

De bijstand als eindstation

13-01-2018

De Participatiewet heeft als doel zo veel mogelijk mensen (weer) deel te laten nemen aan het arbeidsproces. In de praktijk blijkt dit doel nog niet zo makkelijk te behalen. Sterker nog: in veel gemeenten worden mensen met een bijstandsuitkering aan hun lot overgelaten. Hierdoor dreigt de bijstand voor deze mensen geen tussen-, maar eindstation te worden.

werk man buiten

Alleen hulp voor de kansrijke werkloze

Volgens de Participatiewet is het gewenst dat iedereen met een uitkering voor die uitkering een tegenprestatie levert die van maatschappelijk nut is. Gemeenten blijken hun bijstandsgerechtigden echter op te delen in twee groepen: de kansrijke en de kansarme groep. Het budget dat de gemeenten hebben, besteden zij aan de groep kansrijke bijstandsgerechtigden. De kansarme groep valt buiten de boot en ook de tegenprestatie raakt ondergesneeuwd. Werken aan de eigen gezondheid, of het deelnemen aan computerlessen worden daardoor voor deze groep al als goede tegenprestatie gezien.

Te weinig budget voor gemeenten

Wethouders in heel Nederland klagen al langer over het budget dat zij hebben om de Participatiewet uit te voeren. Volgens hen is er onvoldoende budget om iedere uitkeringsgerechtigde te laten re-integreren op de arbeidsmarkt. Niet verwonderlijk dus dat gemeenten zich vervolgens voornamelijk richten op de kansrijken. Overigens zijn veel gemeenten het ook niet eens met het standpunt dat zij te weinig zouden doen voor de kansarmen. Uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam blijkt dat de meeste wethouders vinden dat zij wel degelijk ook de kansarmen helpen door het aanbieden van allerlei activiteiten.

Kansarme bijstandsgerechtigde opgegeven

Uit het onderzoek van de UvA trekt hoogleraar actief burgerschap Monique Kremer echter andere conclusies. Volgens haar is in ieder geval de helft van alle bijstandsgerechtigden opgegeven door de gemeenten. Deze mensen hoeven niet meer te solliciteren, maar krijgen op dit vlak ook geen hulp meer. Monique Kremer ziet echter nog kansen voor deze mensen en benadrukt het belang van persoonlijke aandacht. In veel gevallen krijgt de bijstandsgerechtigde slechts een keer een persoonlijk gesprek met een professional. Slechts één gesprek is echter niet voldoende om mensen te activeren en actief te houden. Op dit vlak zou dus nog heel wat winst te behalen zijn. Zolang hiermee niets wordt gedaan, lijkt de bijstand helaas voor een grote groep mensen het eindstation te blijven.

Blog