Bij langdurige ziekte zijn werkgever en werknemer samen verantwoordelijk voor de re-integratie. Veel stappen kunnen binnen de eigen organisatie worden uitgevoerd. Toch zijn er situaties waarin een extern re-integratiebureau waardevol is. Bijvoorbeeld wanneer terugkeer binnen de eigen organisatie niet haalbaar lijkt, specialistische begeleiding nodig is of de re-integratie vastloopt.
Tijdens de eerste periode van ziekte wordt vooral gekeken naar terugkeer bij de eigen werkgever. De werknemer kan bijvoorbeeld terugkeren in de eigen functie, aangepast werk doen of ander passend werk binnen de organisatie uitvoeren. Dit wordt re-integratie eerste spoor genoemd.
Blijkt dat structurele werkhervatting binnen de eigen organisatie niet haalbaar is, dan moet ook naar mogelijkheden bij een andere werkgever worden gekeken. Dit is re-integratie tweede spoor. Een werkgever hoeft hiervoor niet altijd een extern re-integratiebureau in te schakelen. Wel moet het re-integratietraject zorgvuldig en actief worden uitgevoerd. Veel werkgevers kiezen daarom voor een gespecialiseerd bureau dat ervaring heeft met begeleiding naar passend werk.
Een extern re-integratiebureau is vooral zinvol wanneer werkgever en werknemer onvoldoende kennis, capaciteit of mogelijkheden hebben om het traject zelf goed uit te voeren.
Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer:
Voor werkgevers is vooral belangrijk dat re-integratie niet alleen uit administratieve stappen bestaat. Er moeten daadwerkelijk activiteiten worden ondernomen om werkhervatting mogelijk te maken. Een extern re-integratiebureau kan helpen om deze activiteiten praktisch uit te voeren. Zeker wanneer werk buiten de eigen organisatie moet worden gezocht, kunnen kennis van de arbeidsmarkt, ervaring met re-integratietrajecten en een netwerk van werkgevers van toegevoegde waarde zijn.
De verantwoordelijkheid voor de re-integratie blijft bij werkgever en werknemer. Het inschakelen van een bureau neemt die verantwoordelijkheid niet over.
Voor werknemers is re-integratie vaak een onbekend en complex proces. Zij hebben meestal weinig ervaring met re-integratietrajecten en kennen de regels, verplichtingen en mogelijkheden niet altijd goed. Tegelijkertijd ligt de organisatie en begeleiding van het proces in de praktijk vaak grotendeels bij de werkgever, terwijl ook van de werknemer actieve medewerking wordt verwacht.
Een extern re-integratiebureau kan de werknemer helpen om beter te begrijpen wat er van hem of haar wordt verwacht en welke mogelijkheden er zijn. De begeleider kan uitleg geven over het traject, helpen bij het onderzoeken van passend werk en samen met de werknemer bepalen welke functies en vervolgstappen realistisch zijn.